Plan van aanpak Woningbouw dorpen
Onderstaande tekst is overgenomen uit het voorstel voor B&W mbt. de besluitvorming over beslisdocumenten dorpen.
Algemeen
De basis voor het project Woningbouw Dorpen is de vastgestelde Structuurvisie. In dit
document heeft de gemeenteraad een voorzet gegeven voor het uitbreiden van alle dorpen
binnen de gemeente Hoogeveen. Uitgangspunt is beheerste groei waarbij is besloten geen
nieuwe woonwijk aan te leggen voor de kern Hoogeveen. Een gedeelte van het
woningbouwprogramma voor de kern Hoogeveen is hierbij toegerekend aan de dorpen.
Dit betekent dat er meer woningen in de dorpen worden gebouwd dan voor de eigen
aanwas noodzakelijk is.
Een verdere uitwerking en detaillering van het woningbouwprogramma is vastgelegd in de
nota Wonen. In deze nota is onder andere een verdeling gemaakt van woningen per dorp.
Deze verdeling heeft betrekking op het aantal te bouwen woningen per dorp en het
programma. Dit programma is in de nota Wonen voor alle dorpen ineens beschreven. Op
basis van verricht marktonderzoek kan een specifieke invulling per dorp worden gemaakt.
Om concrete invulling en uitwerking te geven aan de realisatie van het
woningbouwprogramma voor de dorpen tot 2015 is het project Woningbouw Dorpen
opgezet. Voor de uitwerking van dit project is een projectopdracht en een Plan van aanpak
opgesteld en vastgesteld door zowel het college als de gemeenteraad.
Het project Woningbouw Dorpen kent per dorp een eigen uitwerking van het vastgestelde
woningbouwprogramma volgens een in het PvA vastgelegd stramien en werkwijze.
Aan het project wordt vorm en inhoud gegeven in 3 vastomlijnde fases.
Fase 1: Vaststellen van wensen, kansen, kwaliteiten, ambities en knelpunten en het bepalen
van (in)uitbreidingslocatie(s).
Fase 2: Ontwerpen schetsplan c.q. (in)uitbreidingsplan.
Fase 3: Juridisch kader per dorp.
De werkwijze waarbinnen het project vorm en inhoud wordt gegeven gaat uit van een
grote mate van participatie en samenwerking tussen de dorpsbevolking, de gemeente, de
provincie, de waterschappen en de Stichting Het Drentse Landschap.
Kortom, een open en transparant proces.
Met deze werkwijze hebben deze partners grote invloed en zijn zij mede verantwoordelijk
voor de (toekomstige) ontwikkeling.
Openheid en transparantie betekent ook dat eventuele belanghebbenden in een vroeg
stadium op de hoogte raken van de ontwikkelingsrichting. In een aantal gevallen kan dit
leiden tot prijsopdrijving. Met de werkgroepen wordt daarom steeds helder en
nadrukkelijk besproken dat de voorkeurslocaties alleen kans van slagen hebben als de
gronden op redelijke wijze verwerfbaar zijn en/of leiden tot een financieel haalbaar plan.
Ook tijdens de dorpsbijeenkomsten wordt dit duidelijk voor het voetlicht gebracht.
Om gestructureerd sturing te geven aan het hiervoor genoemde proces is een projectgroep
en een werkgroep per dorp samengesteld.
In de projectgroep zitten de deskundigen van de verschillende overheidspartners en
deskundige adviseurs.
De werkgroep wordt gevormd door dorpsbewoners aangevuld met 2 รก 3 deskundige
ondersteuners uit de projectgroep.
Om te bewerkstellingen dat de door de werkgroep en projectgroep opgestelde visies en
(in)uitbreidingslocatie(s) bij de dorpsbewoners breed worden gedragen, worden deze
tijdens een dorpsbijeenkomst gepresenteerd.
